Stil zijn
Als kind moesten wij weleens onze mond houden, omdat onze ouders of de leraar op school dat vroegen. Breien en praten gaat zelden samen. In stilte werd dan verwacht iets te presteren in een tastbaar resultaat.Bij het ouder worden, komen we erachter dat het leven eigenlijk een zoektocht is. Een zoektocht naar goede scholing, een goede baan, een goede relatie. Om maar enkele te noemen door de jaren heen. Het moest een goede keuze zijn die bij je paste. Maar, wanneer je ook nog openstaat voor een spiritueel leven waar Jezus Christus centraal staat, komt er een zoektocht bij.Een zoektocht van een totaal andere orde, die in stilte naar binnen gericht is.
Een paar weken geleden zat ik in mijn cel. Niet een gevangeniscel, maar in één van de gastenkamers van ‘mijn’ klooster. Binnen de traditie wordt zo’n kamer cel genoemd. Als seculier oblaat ben ik verbonden aan de Abdij Sint -Benedictusberg te Mamelis in Zuid-Limburg, waar een communiteit van Benedictijnen -monniken woont. Hun dagelijks leven bestaat uit bidden en werken: “Ora et Labora”. Dit alles gebeurt in stilte. Door de jaren heen heb ik ervaren hoe belangrijk het is om stil te worden. Mijn proces van stil worden, gebeurt op het moment dat ik het klooster binnen ga en de deur achter mij dicht doe. Een oase van stilte omarmt mij dan. Ik noem het klooster weleens: mijn ‘woestijn’, zoals de woestijnvaders de woestijn opzochten om in die stilte God te zoeken.
Een monnik is een Godzoeker en leeft in stilte, waar gebeden wordt binnen de Getijden (momenten van gebed), gewerkt en gestudeerd wordt (Lectio Divina). Dat is een bewuste keuze om dichter bij God te willen zijn en met Hem te leven. Ook wij zijn vaak zoekende, bewust of onbewust, naar de zin van ons bestaan met de vragen: Wie ben ik eigenlijk (mijn 'zijn') en waarom zijn we hier op aarde? Maar ook zoekende naar meer, hoger dan het mens-zijn. Er zijn mensen die dat “energie” noemen of geloven dat er wel “iets” is, of het bovenmenselijke “God” noemen. Ikzelf geloof in de Bijbelse God en ben daarom een Godzoeker geworden. Dat is voor mij een reden om een aantal keren per jaar de stilte op te zoeken van een klooster. Door die stilte komen mijn gedachten en gevoelens bovendrijven. Deze onrust moet ik eerst verwerken om te komen tot mijn innerlijke rust.De weg naar mijn diepe ‘zijn’ kent veel hobbels. Maar door de stilte raken die naar de achtergrond, waardoor in mij veel ruimte ontstaat voor gebed, met of zonder woorden. Ons diepe innerlijk spreekt, en zal ons dichter bij God brengen! Ook wanneer we ons alleen voelen of verdrietig zijn. Hierin zit onze verwachting en hoop, want hoop doet leven.
Nu hoeven wij niet naar een klooster om innerlijk stil te worden. Ieder mens heeft wel eens een moment van stilte. Een wandeling in de natuur geeft vaak al de nodige stilte om stil te worden. Maar ook thuis zullen er momenten zijn waar we onze innerlijke stilte kunnen opzoeken om dichter bij onszelf te komen, daardoor dichter bij God. Niemand komt bij ons eigen-ik, onze basis waar persoonlijke geheimen bewaard blijven. Vanuit die diepte mogen we dan zeggen: "Gij doorgrondt en Gij kent mij" (Psalm 139: 1-12 en 23-24)
Ook in de kathedraal zitten dagelijks mensen die even de straatdrukte ontvluchten om stil te worden, of gedreven zijn door verdriet of dankbaarheid. Vertrouwen hebben, betekent een overgave aan datgene waarin je wilt geloven, zoals psalm 139 laat zien. Een overgave aan Christus is niet makkelijk wanneer we ons laten beinvloeden door onze geseculariseerde maatschappij waarin wij leven. Laten we proberen stil te worden voor gebed, en voor de woorden die Jezus Christus ons gegeven heeft. In Zijn woorden vinden wij onze troost.
br. Diederik
br. Diederik




